Als het gedrukt staat heeft het meer gewicht.
Waarheid als een koe. Eens typte ik mijn stukjes voor de Provinciale Zeeuwse Courant (PZC) op een draagbare Olivetti. Een fax was is die tijd, eind jaren zeventig, een apparaat groter dan een koelkast. Met zo’n fax werd het artikel, eenmaal af, verzonden naar de centrale redactie in Vlissingen. Daar plaatsen de redacteuren er een kop boven en deelden het in op een pagina.
De volgende ochtend lag de krant op de deurmat — met hetzelfde stukje dat ik uit de Olivetti had geramd. Opeens stond de tekst los van de maker, hij was een zelfstandige entiteit, waaraan hij ook zijn gewicht ontleende.
Ik had hetzelfde stukje, op een A4-tje, zo uit de typemachine natuurlijk ook mee kunnen nemen naar de kroeg, waar wij na gedane arbeid steevast belandden. En ik had het één van de stamgasten kunnen laten lezen. Dan was het altijd slechts één mening geweest, en wel mijn mening, of waarneming. Mijn mening telde niet echt — terecht. Waar kon ik me tenslotte op beroepen? Toen?
Gedrukt zijn is van een andere orde.
Vanochtend viel de televisiegids in de bus. Op de voorkant het portret van Viviënne van den Assem. Daarnaast, in poenige letters: “Ik heb nu geleerd te investeren in vrienden.” Het staat gedrukt, het is een uitspraak van een BN’er — hoewel mij volslagen onbekend, maar ik ben op het gebied van televisie absoluut niet maatgevend — en het bekt lekker.
Human interest.
Waarom moet ik kennis nemen van de wijsheden van deze dame? Die niet eens weet dat zij de luiers net ontgroeid is. Waarschijnlijk heeft zij een volstrekt eigen leven, dat niet eens schampt aan het mijne. Waarom is haar visie belangrijker dan die van mijn buurman, die zijn innerlijke rust en ontspanning vindt in vissen?
Omdat ze een BN’er is. En het geluk heeft dat Nederland zo klein is dat, met een beetje geluk en de juiste kruiwagens, iemand al snel een televisiester is. Waar de vaderlandse pers klakkeloos achterna loopt. Even amechtig als al die andere gelukszoekers.
Ze heeft wel mooie ogen, Viviënne, en een sensuele lach. Heeft dat iets te betekenen?
Er is een term voor: information overload. Overal is informatie, at you fingertips. Overal kreten, overal een verpletterende waarheid. Met, meer en meer, de diepte van een pierebadje.
Ik zal een voorbeeld geven. De journaals hadden de laatste dagen de mond vol van de koersen op de beurzen die wereldwijd kelderden. Daar werd dan door de economisch redacteur commentaar bij gegeven. Plat commentaar. Voor de hand liggend commentaar, dat ogenschijnlijk klinkt als een bus. We kijken dan opzij, naar de oude sok of de beleggingshypotheek, en besluiten die rommel zo snel mogelijk van de hand te doen. Voordat de aandelen helemaal niets meer waard zijn en je wellicht tot de bedelstaf verwordt.
Het commentaar van de deskundigen is vlak, ééndimensionaal. De problemen van de beurs hebben vooral te maken met de waanzinnige geilheid van mensen voor geld. Op de beurs in Londen, maar hoogstwaarschijnlijk ook op andere vloeren elders in de wereld, lopen jonge mannen rond, twintigers nog, die niet anders gewend zijn dan miljoenen per jaar te verdienen. Dat is voor hun normaal, zij kennen geen andere realiteit.
Maar het is krankzinnig.
Geld is dan ook een speeltje. Instant bevrediging. Voor bedrijven is de beurs een manier om kapitaal te verwerven. Maar in een wereld waarin geld en de krankzinnige handel daarin de enige waarheid is, is een begrip als duurzaamheid kolder. Deze Londense jongens hebben ook geen enkele compassie met de simpele zielen die dachten hun huis te kunnen bekostigen met een beleggingshypotheek. Dat zijn loosers!
De bankiers blijven dezelfde, eeuwige formules uitspreken: beleggen is iets van de lange adem. Kijk naar de cijfers: het gemiddeld rendament over de laatste, pakweg tien of twintig jaar is een slordige x procent. Geen speld tussen te krijgen. Ten slotte, pro forma, lees even de laatste regel: resultaten behaald in het verleden… bla, bla, bla.
Viviënne heeft dezelfde gedaante als de bankier. Omdat men weigert zijn eigen waarheid te ontekken. Op eigen kracht.
Mijn waarheid: gebruik kranten waarvoor ze voor dienen — als verpakkingsmateriaal voor de vis op de markt. De stilte is beter dan een jaar geklets. Tenslotte, stop ook maar met bankieren. Geld is een illusie die moordt.