Simple Reflections

juli 27, 2008

Aan de voet van de gletsjer

Ingedeeld onder: Filosofie, Gedachten, Schrijvers, Taal — Andrew Tonneman @ 8:33 am
Tags: , , , , ,
Het leek me beter de dominee een plezier te doen en ik begon het spul te kauwen en het uit nieuwsgierigheid in mijn mond te laten rollen. Ik vond de smaak een beetje vreemd, maar niet echt slecht. We kauwden beiden naar hartelust. Toen ik een stuk had doorgeslikt, had ik trek in een tweede stuk.

‘Het is alkalisch’, zei de eerwaarde Jon, maar ik kan niet garant staan voor de chemiekennis van de parochiedominee. Maar alleen aan de manier waarop hij haaienvlees at, kon iedereen duidelijk zien dat de eerwaarde Jon een goede dominee was.

Toen we een tijdje het haaienvlees hadden gekauwd, kwam ik op mijn onderwerp terug.

Gebi: ‘Zoals gezegd, uw vrouw is teruggekomen, eerwaarde Jon. Nu zijn alle donderwolken verdwenen.’

De eerwaarde Jon: ‘Ja, het is beslist een goed mens. En u bent een jonge vent. Wilt u die vrouw niet hebben?’

Gebi: ‘Uw vrouw?’

De eerwaarde Jon: De Ua die gekomen is, is niet degene die is weggegaan. Want Ua kan in de eerste plaats niet weggaan en in de tweede plaats kan ze niet terugkomen. Ze komt niet terug, omdat ze niet is weggegaan. Ua is bij mij gebleven, zoals ik u de eerste keer zei toen we elkaar hier bij het schuurtje tegenkwamen. Ze is niet alleen uiterlijk bij mij gebleven, maar boven alles in mijzelf. Wie kan je moeder van je afnemen? Hoe kan een moeder van je weggaan? Ze is zelfs dichter bij je naarmate je ouder wordt en des te langer het geleden is dat ze stierf.’

Gebi: ‘Zowel u, eerwaarde Jon, als de vrouw zelf heeft ieder afzonderlijk tegenover de gevolmachtigd van de bisschop de huwelijksband bevestigd. Ook als is de vrouw vijfendertig jaar weg geweest, dat verandert niets aan de zaak. Voor het christelijke geloof is dat niet zo’n lange tijd.’

De eerwaarde Jon: ‘Er is geen andere Ua dan degene die altijd bij mij heeft gewoond en die nooit ook maar voor een moment bij mij is weggegaan. Ze staat dichter bij mij dan de bloem in het veld of het licht van de gletsjer, want ze is met mijn adem samengevloeid. Het enige wat blijft, is datgene wat het diepst in jezelf woont, ook al glijd je van het ene melkwegstelsel in het andere. Niets kan dat veranderen. En laten we nu ons haaienvlees opknabbelen.’

Gebi: ‘Op grond van mijn instructies, eerwaarde Jon, en zonder dat de zaak mij aangaat, zou ik u nu persoonlijk het advies willen geven die vrouw te gaan begroeten en vandaag de vrieshuizen te laten voor wat ze zijn.’

De eerwaarde Jon Primus: ‘De vrieshuizen gaan voor, dat is afgesproken.’

Gebi: ‘Ik heb gehoord dat de vrieshuizen niet rendabel zijn. Wie heeft met wie iets afgesproken? Laat de doden hun doden begraven, al is het maar voor één dag.’

De eerwaarde Jon: ‘Het hele leven berust op afspraken. Ik dacht dat u wist dat we het met elkaar eens moeten zijn of we zullen leven, anders komt er oorlog. Maar als we het met elkaar eens zijn dat we leven, dan geven we met plezier onze laatste cent voor de vrieshuizen. En dan doet het er niet meer toe of de vrieshuizen rendabel zijn en of de machines die erin staan lopen of stilstaan.’

Gebi: ‘Ja, maar ik heb het over een mens, mijn beste eerwaarde Jon, over een ziel. Ik ben van mening dat de ziel voorrang heeft boven een vrieshuis.’

De eerwaarde Jon: ‘Ik geloof dat vrieshuizen dichter bij God staan dan de ziel, maar dat is eigenlijk een kwestie van afspraken.’

Gebi: ‘Wat heeft het voor zin vrieshuizen te repareren die nooit rendabel zijn en die door lolbroeken op kosten van de gemeenschap worden gerund?’

De eerwaarde Jon: ‘Kiezen we partij voor de zaak van het aardse leven omdat het rendabel is?’

Gebi: ‘Een beetje gezond verstand moet een mens toch hebben.’

De eerwaarde Jon: ‘Het zijn niet alleen de vrieshuizen die van subsidies leven. Is niet alles naar de kloten, als het ware? Als niet elke tent meteen wegens schulden geliquideerd wordt, dan zullen we het over één ding eens moeten zijn: ongeacht wat het kost, ongeacht wat voor een vervloekte nonsens het is, afspraken moeten er zijn. Men moet het er bijvoorbeeld over eens zijn dat het geld ergens moet blijven; bij de rijken als er geen alternatief is, op de banken, op z’n minst bij de staat. En toch weet iedereen dat geld fundamenteel gezien een verzinsel is, een fictie.’

Gebi: ‘Ik heb altijd gedacht dat de eerste stap is het erover eens zijn dat iets waar is en dan te proberen er in gemeenschap naar te leven.’

De eerwaarde Jon: ‘Het is leuk te luisteren hoe de vogels tjilpen. Maar het zou allesbehalve leuk zijn als de vogels constant de waarheid tjilpen. Denkt u dat de gouden rand van de wolk die wij daar in de ionosfeer zien waar is? Maar wie niet bereid is voor die wolk te leven en te sterven, is van alle goede geesten verlaten.’

Gebi: ‘Moet er dan alleen maar poëtische fantasie bestaan in plaats van rechtvaardigheid?’

De eerwaarde Jon: ‘Het enige wat telt is het ergens over eens zijn. Anders wordt iedereen vermoord.’

Gebi: ‘Waar moet men het over eens zijn?’

De eerwaarde Jon: ‘Dat doet er niet toe. Over vrieshuizen bijvoorbeeld, hoe slecht ze ook mogen zijn. Als ik een kapot slot repareer, denkt u dan dat het een kleinood is of het slot van een of andere schatkist? Achter het laatste slot dat ik repareerde lagen een halve rog en drie pond roggemeel. Ik hoef het bedrijf niet te beschrijven dat zo’n slot bezit. Maar zolang je het aardse leven de moeite waard acht, repareer je zo’n slot met niet minder bevrediging dan het slot van de staatsbank, waarachter — naar men denkt — het goud ligt. Als dat oude, verroeste, simpele slot je niet bevalt dat een klungelaar in vroeger tijden voor een eenvoudige proviandkist heeft gemaakt, dan is er geen enkele basis om het slot van een grote bank te repareren. Als je alleen machines repareert voor vrieshuizen die rendabel zijn, dan ben je om je lot niet te benijden.’

Gebi: ‘Wat u zegt, eerwaarde Jon, zou goede poëzie kunnen zijn, maar het heeft jammer genoeg weinig relevantie voor de aangelegenheid die ik bij u, van ambtswege, naar voren bracht.’

De eerwaarde Jon: ‘Degene die niet in poëzie leeft, overleeft niet hier op aarde.’

Daarmee wikkelde de eerwaarde Jon Primus de rest van het haaienvlees weer in de krant en stak het in zijn zak en hij reikte mij als afscheid zijn grote, goede hand die voorheen op deze pagina’s reeds vermeld werd. NB. Misschien laat mijn geheugen mij in de steek, maar Jodinus was al met zijn twaalftons vrachtwagen gearriveerd om de parochiedominee een lift over de bergketen te geven.

Uit: Aan de voet van de gletsjer, Halldór Laxness

maart 17, 2008

Sjechten

Wie zegt dat de geschiedenis zich herhaalt? Of had in plaats van het vraagteken juist een uitroepteken moeten staan?

Ik heb het antwoord niet. Wel stuitte ik op iets merkwaardigs:

Het nieuws maakte afgelopen zaterdag (15-03-2008) gewag van een brief die dierenartsen naar minister Verburg van Landbouw hebben gestuurd. Daarin pleitten zij voor aanpak van het ritueel slachten, vereist volgens Tora en Koran.

Sjechten heet dat in het Jiddisch.

Dat rituele slachten gebeurt door het doorsnijden van de keel, waardoor het dier doodbloedt. Het boed zelf is onrein.

Volgens de artsen hebben de dieren door deze slachtmethode onnodig veel pijn en stress. Het duurt ongeveer twee à drie minuten, na het uitvoeren van de snede, totdat de dood optreedt.

Wat dit bericht voor mij merkwaardig maakt, is dat precies hetzelfde onderwerp voorkomt in een boek dat ik aan het lezen ben. Een historische roman: Het Lot van de familie Meijer, van Charles Lewinsky. De Joodse familie Meijer wonen in het neutrale Zwitserland. In het jaar 1883 wordt daar een volksraadpleging gehouden over het ’sjechten’ — de rituele slacht volgens de traditie van de erfgenamen van Jedoeha.

Het referendum wordt door de dierenbeschermers gewonnen. Sjocheet Pinchas, getrouwd met Mini Meijer, moet zijn slagerij van de hand doen.

Hij wordt kruidenier, koosjere natuurlijk.

Zwitserland is in beide Wereldoorlogen neutraal gebleven. Ogenschijnlijk had het volk van de diaspora er een redelijk onbekommerd bestaan; zeker in vergelijking met ‘notoire’ antisemitische landen als Polen en Rusland. Overigens vonden de eerste pogroms al in de elfde eeuw plaats, die na elke rampspoed, zoals de pest, dunnetjes werden overgedaan.

Wie de moeite neemt zich van de feiten op de hoogte te stellen, komt tot de slotsom dat Jodenvervolging een herhaling van de geschiedenis is.

Overigens, hoe het met de Meijers afloopt, daar tussen die Alpenreuzen, weet ik nog niet. Het is een dik boek en ik ben pakweg halverwege.

februari 19, 2008

Pavlov

Ingedeeld onder: Filosofie, Gedachten — Andrew Tonneman @ 4:23 pm
Tags: , , , , ,

Voor gewone stervelingen is het verschil tussen psychiater en psycholoog lastig te doorgronden. Het zijn ‘dokters’ die men ten tonele brengt als je in de war bent.

Inderdaad is een psychiater een arts, een dokter. Maar psychologie is een apart wetenschappelijk discipline. De laatste hoeft zich in beginsel niet met de ‘zieke’ medemens bezig te houden. De psycholoog onderzoekt immers de geest in al zijn facetten, gezond of ongezond. Hoe komen wij tot wasdom? Welke wetmatigheden zijn daarin te onderscheiden? Welk aandeel heeft de biologische constitutie, en wat is de invloed van leren?

Het wetenschappelijk bedrijf dient altijd geplaatst te worden binnen de context van de ‘Zeitgeist’. Daarom speelde onderdrukte sexualiteit een bijzonder grote rol in de theorieën van Sigmund Freud. De burgerij had net het preutste tijdperk sinds eeuwen van zich afgeschud. Vandaar.

Ivan Pavlov.jpgFreud, tussen twee haakjes, was een klassiek geneesheer. Net als de Russische fysioloog en tijdgenoot Ivan Pavlov. Door psychologen wordt Pavlov wel gezien als de ‘vader’ van deze studierichting. Met name door het belang dat hij hechtte aan onderzoek, en daarbinnen naar het leerproces.

Met ‘leren’ kunnen psychologen iets, aangezien dat impliceert dat er vaste patronen zijn. Voor jou en mij, in wezen, identiek. Als mensen niet zouden kunnen leren, zouden ze niet door psychologen behandeld kunnen worden. Dan rest de pil van de dokter, de psychiater.

Hoewel ‘leren’ als rationeel principe haaks lijkt te staan op het ‘onbewuste’ (das Id) van Freud, stonden beide axioma’s sterk in de belangstelling tegen het einde van de fin de siècle. Zaken die elkaars tegenpool lijken, blijken bij nader inzien heel verwant. Ook Freud, als Godfather van alle duistere spelonken van de menselijke geest, had aandacht voor de ratio. Sterker, de Weense arts beschouwde civilisatie als belangrijk doel bij het overwinnen van primitieve driften.

Maar terwijl Freud zijn inzichten baseerde op de casus, voornamelijk rijke welgestelde dames met psychische klachten die in het huidige tijdsgewricht nauwelijks meer voorkomen, te weten de hysterie, ging Pavlov methodich en experimenteel te werk. De Rus heeft met de ontdekking van de ‘klassieke conditionering’ baanbrekend werkt verricht. Pavlov bewees dat een willekeurige stimulus, in zijn geval het luiden van een bel, een niet aangeboren respons teweeg kan brengen, hier: speelselsecretie bij een hond. Deze verbinding, conditionering onstaat als de stimulus een voldoende aantal keren aan de natuurlijke prikkel (een bak met eten) is gekoppeld.

De klassieke condionering is later verfijnd tot een fijnmaziger variant, de operante condionering. Maar de implicaties waren hetzelfde: leren speelt een veel grotere rol dan voordien voor mogelijk werd gehouden. Wat ook betekent dat de mens zijn boeien van predestinatie kan overwinnen.

Toch heeft binnen de muren van de kliniek de pil gewonnen. En die pil, die wordt door de psychiater voorgeschreven. Bij gebrek aan beter, dat wel.

februari 13, 2008

BTW

Ingedeeld onder: Filosofie, Gedachten — Andrew Tonneman @ 10:17 am
Tags: , , ,

Nog zoiets onbegrijpelijks: BTW-tarieven.

Ik ga ervan uit, noem het onnozel of naïef, dat beleid gestoeld is op een visie met een interne logica. Dat is, helaas maar waar, vaak niet het geval. Eigenlijk zou ‘men’ het bij iedere activiteit eens moeten zijn over de grondslagen. Het liefst vastgelegd en uitgesproken, omdat daarmee het vertrekpunt duidelijk vast ligt.

Mijn eega werkt als assistente op een huisartsenpraktijk. Wat ik hoor over de bedrijfsvoering aldaar, geeft de indruk van een rammelkar. De dagelijkse gang van zaken wordt overspoeld door noodverbandjes. Dat leidt bijvoorbeeld tot een volslagen gebrek aan onderlinge communicatie, aan duidelijkheid over de uitgangspunten, over wat dan prioriteiten zijn, en — op de keper beschouwd — wie nu eigenlijk de baas is.

Toen deze praktijk bijna twee jaar geleden tot stand kwam, bracht iedere arts zijn eigen assistentes mee. Plus werkwijze. Nu lijkt het fundament van zo’n organisatie voor het opscheppen: zieken helpen. Dat principe is zelfs in wetten verankerd. Maar: de huisartsenpraktijk is ook een doodordinair bedrijf, er moet winst gemaakt worden. Hoe, en daarbinnen te laveren conform de bedrijfsfilosofie, is nooit aan de orde geweest.

Ik noem dit als voorbeeld — zelfs de huisartsenpraktijk is niet a-typisch. Dus: meestal doen ‘we’ maar wat en hebben een vaag besef van waar we vandaan kwamen, laat staan waar we naar toe willen. Beleid, maatregelen, worden drogredenen om het gemoed van een falend systeem te sussen.

De stap naar BTW lijkt ‘out-of-order’. Gemeenschappelijke noemer is het ontbreken van een grondslag, consequent doorgevoerde beginselen. Deze belasting is een heffing op luxe goederen of diensten. Momenteel kent de BTW drie tarieven: 0%, 6% en 19%. Iedereen voelt het zeer terecht op zijn klompen aan dat je meestal het hoogste tarief betaalt. Want de BTW is in essentie een gepolijste manier om de portomonnee van het Rijk te spekken.

Maar à la. Dat even buiten beschouwing gelaten. God heeft de wereld in zeven dagen (eigenlijk zes) geschapen — een herschikking zal zeven eeuwen duren.

Bij de huisarts betaal je niks extra’s: het zogenaamde 0%-tarief. Voor het nieuwe LCD-scherm voor in de huiskamer komt er 19% op het netto-bedrag. Tsja, logisch denk je, want dat is nou per definitie ‘luxe’. Maar hoe zit het dan met gas en elektra? Volgens onze wetgever is dat een zeer luxe artikel, want we betalen de volle mep. Naar de kapper gaan is in de ogen van vadertje Staat blijkbaar een bittere noodzaak, want deze branche geniet het 6%-tarief.

Begrijpt u er iets van? Ik echt niet. Maar ik ben dan ook niet verbaasd dat mensen onderhand overal maling aan hebben. We weten dat we belazerd worden waar we bij staan. Dan lijkt bitter egoïsme het enige dat rest.

Blog op Wordpress.com.