Simple Reflections

februari 19, 2008

Pavlov

Ingedeeld onder: Filosofie, Gedachten — Andrew Tonneman @ 4:23 pm
Tags: , , , , ,

Voor gewone stervelingen is het verschil tussen psychiater en psycholoog lastig te doorgronden. Het zijn ‘dokters’ die men ten tonele brengt als je in de war bent.

Inderdaad is een psychiater een arts, een dokter. Maar psychologie is een apart wetenschappelijk discipline. De laatste hoeft zich in beginsel niet met de ‘zieke’ medemens bezig te houden. De psycholoog onderzoekt immers de geest in al zijn facetten, gezond of ongezond. Hoe komen wij tot wasdom? Welke wetmatigheden zijn daarin te onderscheiden? Welk aandeel heeft de biologische constitutie, en wat is de invloed van leren?

Het wetenschappelijk bedrijf dient altijd geplaatst te worden binnen de context van de ‘Zeitgeist’. Daarom speelde onderdrukte sexualiteit een bijzonder grote rol in de theorieën van Sigmund Freud. De burgerij had net het preutste tijdperk sinds eeuwen van zich afgeschud. Vandaar.

Ivan Pavlov.jpgFreud, tussen twee haakjes, was een klassiek geneesheer. Net als de Russische fysioloog en tijdgenoot Ivan Pavlov. Door psychologen wordt Pavlov wel gezien als de ‘vader’ van deze studierichting. Met name door het belang dat hij hechtte aan onderzoek, en daarbinnen naar het leerproces.

Met ‘leren’ kunnen psychologen iets, aangezien dat impliceert dat er vaste patronen zijn. Voor jou en mij, in wezen, identiek. Als mensen niet zouden kunnen leren, zouden ze niet door psychologen behandeld kunnen worden. Dan rest de pil van de dokter, de psychiater.

Hoewel ‘leren’ als rationeel principe haaks lijkt te staan op het ‘onbewuste’ (das Id) van Freud, stonden beide axioma’s sterk in de belangstelling tegen het einde van de fin de siècle. Zaken die elkaars tegenpool lijken, blijken bij nader inzien heel verwant. Ook Freud, als Godfather van alle duistere spelonken van de menselijke geest, had aandacht voor de ratio. Sterker, de Weense arts beschouwde civilisatie als belangrijk doel bij het overwinnen van primitieve driften.

Maar terwijl Freud zijn inzichten baseerde op de casus, voornamelijk rijke welgestelde dames met psychische klachten die in het huidige tijdsgewricht nauwelijks meer voorkomen, te weten de hysterie, ging Pavlov methodich en experimenteel te werk. De Rus heeft met de ontdekking van de ‘klassieke conditionering’ baanbrekend werkt verricht. Pavlov bewees dat een willekeurige stimulus, in zijn geval het luiden van een bel, een niet aangeboren respons teweeg kan brengen, hier: speelselsecretie bij een hond. Deze verbinding, conditionering onstaat als de stimulus een voldoende aantal keren aan de natuurlijke prikkel (een bak met eten) is gekoppeld.

De klassieke condionering is later verfijnd tot een fijnmaziger variant, de operante condionering. Maar de implicaties waren hetzelfde: leren speelt een veel grotere rol dan voordien voor mogelijk werd gehouden. Wat ook betekent dat de mens zijn boeien van predestinatie kan overwinnen.

Toch heeft binnen de muren van de kliniek de pil gewonnen. En die pil, die wordt door de psychiater voorgeschreven. Bij gebrek aan beter, dat wel.

februari 15, 2008

Psychiatry

Ingedeeld onder: Gedachten — Andrew Tonneman @ 5:01 pm
Tags: , , , , , ,

Gek zijn is kostbaar. Zeker als je je overlevert aan de psychiatrie.

De wetenschap van de stoornis van de geest is zelf goed ziek. Bovendien al heel lang. Dit medische specialisme mist een ziel, een onomwonden uitgangspunt, en daardoor: bezieling.

De bron van de psychiatrie zou, zoals alle ‘westerse’ kennis, de empirisch wetenschappelijke benadering moeten zijn. Zou, ja, want die ontbreekt. Binnen de reguliere wetenschap is het gangbaar om een theorie, zeg een voorlopig model van de werkelijkheid, op te stellen. Daarna volgt de fase van uitleg op grond van deze theorie. Tenslotte, ‘the proof of the pudding’: het experiment dat leidt tot –voorlopige– bevestiging of verwerping van de theorie.

Een goed voorbeeld is het atoommodel van de Deense natuurkundige Niels Bohr. Let op het woord ‘model’ achter atoom. Dit impliceert dat het postulaat slechts een benadering van de werkelijkheid is. Men kende in dit tijd, begin 20ste eeuw, het atoom helemaal niet. Niemand die het ooit met eigen ogen had gezien. In wezen is dat ook helemaal niet van belang; zolang het model de verschijnselen adequaat beschrijft of voorspelt, is het een prima uitgangspunt. Tot een nieuwe theorie geformuleerd wordt die erin slaagt ‘meer’ en ‘beter’ te voorspellen. Het moment voor Albert Einstein om de sceptor van Bohr over te nemen. Ad infinitum.

De fysica dankt haar reusachtige ontwikkeling aan deze methodologie.

De psychiatrie is een specialisme van de studie geneekunde. Die is ook, als kennisobject, geënt op de wetenschappelijke benadering. Andere opties vallen onder de categorie kwakzalvers. Een opvatting die ik van harte deel.

Maar… dan moet de wetenschappelijke methode wel uitgevoerd worden zoals die bedoeld is. Anders wordt het pseudo-wetenschap, of –in het slechtse geval — ook hocus-pocus.

De psychiatrie kent geen theorievorming. En daarmee heeft zij geen enkel fundament. Er is wel veel onderzoek, vooral op het gebied van de werking van medicijnen, maar dat komt neer op het paard achter de wagen spannen. Iedereen weet dat een verklaring ‘achteraf’ altijd gevonden wordt en dat de zwaarte daarvan valt in de orde van: het kan vriezen of het kan dooien. Dat soort bevindingen voegt bijna niets aan onze kennis toe.

Nog een voorbeeld, maar nu uit de praktijk van de psychiatrie: ECT. Beter bekend als de electroshock. De praktijk leert dat deze ‘therapie’ een behoorlijk probaat middel is bij ernstige depressies. Over de werking ervan, waarom de patiënt vaak opknapt, tast men echter geheel in het duister. Wel is in het tijdperk van computers snel een metafoor gevonden: het probleem van een vastlopende pc of mac (in essentie het gevolg van fouten in de software) is soms te verhelpen door de doos te rebooten — even de stroom uit en aan te zetten. Voilà.

Een uiterst vreemde zet, omdat ander onderzoek juist meer en meer aantoont dat psychiatrische stoornissen het produkt vormen van zeer geschakeerde, globale processen. Daarbij is die ‘uit/aan’ verklaring het kanon waarmee je de mug wil doden.

Maar goed, zoals gesteld, ECT is effectief. Daar is niets mis mee. Maar dat ontheft de behandelaars, de wetenschappers, nog niet van de ‘heilige’ plicht om te komen met een goede theorie en die tot op het bot te testen. Anders is het gevaar van uitwassen levensgroot aanwezig. Zoals het toepassen van de electroshock bij andere psychiatrische beelden — de dwang bijvoorbeeld. Wat in de praktijk het geval is.

Bovendien kan een theorie verklaren waarom de patiënt na een ECT vaak last heeft van een hinderlijke en invaliderende geheugenstoornis. Psychiaters zeggen dat dit van tijdelijke aard is, maar mijn ervaring is wis en waarschtig anders. En waarom het effect van de shock soms van voorbijgaande aard is. Met heeft zogenaamde ‘onderhoudsdoseringen’ nodig.

Vragen die beantwoord zouden kunnen worden. Zouden, ja, als de duur betaalde psychiaters hun bastion verlaten en zich meer, nederiger, aan wetenschap zouden wijden.

Blog op Wordpress.com.